AFFR 2013 Tijdreizen in film










Heen en weer springen in de tijd
Peter Bosma
 
Deze tekst is gepubliceerd in de catalogus van het Architectuur Film Festival Rotterdam 2013: http://affr.nl/news/jumping_back_and_forth_in_time.html
 
Film is in de diepste essentie van zijn bestaan een ongrijpbaar product. Lange tijd was film alleen beschikbaar als projectie van een snel vervluchtigende lichtstraal op een groot doek, vergezeld van gesmoorde geluiden uit de luidsprekers achter het doek. Sinds de komst van de videorecorder zijn we echter gewend geraakt aan het eigenmachtig kijken naar films: het is mogelijk het filmbeeld stil te zetten, vooruit te spoelen, of terug te spoelen, op de snelheid die we wensen. Toch kun je nooit een film in handen hebben, het blijft een ongrijpbaar object. Je kan je als filmtoeschouwer alleen maar overgeven aan de bewegingsillusie van de beelden en de suggesties van de geluidsband.
 
Film bestaat dus uit beelden en geluiden die uitsluitend kunnen ontstaan in een ononderbroken tijdsverloop. Dit lineaire tijdsverloop van de filmvertoning staat vast, maar binnen deze kaders kunnen filmmakers naar vrije wil heen en weer springen in de tijd en ook naar eigen goeddunken de tijd kneden: ze kunnen een moment eindeloos uitrekken of de tijdsduur van een handeling juist indikken door het te fragmenteren. Film is dus in alle opzichten een weergaloze tijdmachine.
 
Verleden, toekomst, en het terugkerende heden
Een machine om mee in de tijd te kunnen reizen is een geliefd en veelgebruikt thema in filmscripts. Het mogelijke bestaan van een dergelijke machine prikkelt de fantasie. Stel je voor dat je zo maar terug zou kunnen gaan naar het verleden, of juist vooruit zou kunnen suizen naar de toekomst. Echter, als de tijdreiziger niet oppast kan het tijdsverloop ook tot stilstand komen, of in een herhalingscyclus raken.
 
Het gegeven van een repeterende tijdsverloop dient als basis van de zeer geslaagde thriller SOURCE CODE (Duncan Jones, 2011), waarin een man in een rijdende trein binnen enkele minuten een bom moet vinden en onschadelijk maken. Het mislukt keer op keer, maar gelukkig kan hij het steeds opnieuw blijven proberen en zo komt hij geleidelijk dichterbij de oplossing. Uiteraard is er sprake van een happy end, maar dat gebeurt echt pas op het alleruiterste nippertje. 
De meest bekende film met een klok die herhaaldelijk teruggezet wordt is de komedie GROUNDHOG DAY (Harold Ramis, 1993), waarin een chagrijnige en arrogante weerman zich dankzij de time loop weet om te vormen tot een hulpvaardig en charmant persoon, waardoor hij zelf ook gelukkiger wordt. Dit is inderdaad een behoorlijk moralistisch happy end, maar Bill Murray weet alle bedenkingen op dit vlak charmant weg te spelen.
 
Een reis naar het verleden kan ook een prachtig middel zijn om milde moralistische kritiek op de eigen tijd te geven. Het eerste deel van BACK TO THE FUTURE (Robert Zemeckis, 1985) is een heerlijke komedie met een licht filosofisch randje, maar vooral met volop plezier in het geven van terloopse knipogen naar de toeschouwer en het vrolijk oppoetsen van clichés. De hippe tiener uit de jaren tachtig merkt bijvoorbeeld al gauw dat een bodywarmer in de jaren vijftig een onbekend kledingstuk was, iedereen ziet het aan voor een reddingzwemvest. Zijn tijdsreis verandert hem van coole gast tot dorpsgek, maar hij heeft ook vaardigheden die goed van pas komen in zijn nieuwe omgeving, denk aan de hilarische scène waarin hij een zeepkistkarretje verandert in een skateboard. Ook zijn anachronistische, uitzinnige gitaarsolo op het schoolfeest is een prachtige terzijde.
In BACK TO THE FUTURE, PART II (1989) reizen de personages vervolgens naar de toekomst (gesitueerd in 2015), waarin allerhande onheil dreigt dat maar ternauwernood af te wenden is. De toon blijft echter luchtig, want het is tenslotte een komedie.
 
De ultieme tijdsreis
De ultieme film met een tijdmachine als centraal thema is wat mij betreft  LA JETÉE (Chris Marker, 1962). Het is een wonderlijke poëtische mijmering over de werking van het geheugen en de pijn van een onvervuld verlangen, die verbeeld wordt in een reeks stilstaande zwart/wit filmbeelden, begeleid door een hallucinante geluidsband.
De Derde Wereldoorlog is uitgebroken en de overlevenden zijn gedwongen ondergronds te leven. Uit lijfsbehoud willen ze gaan reizen in de tijd. De geleerden experimenteren met mensen die een sterke herinnering aan het verleden hebben. Ze kiezen een man die in zijn dromen geobsedeerd wordt door een indrukwekkend beeld uit zijn kindertijd. Hij was op de wandelpier van een groot vliegveld, een vrouw keek hem aan en hij zag een man rennen die werd doodgeschoten. Dit krachtige droombeeld brengt hem in een tijdgolf. Het experiment slaagt, hij komt in contact met mensen uit andere tijden, ook uit de toekomst. Hij kiest er echter voor terug te keren naar het moment uit zijn verleden, vooral op zoek naar de mysterieuze vrouw. Uiteindelijk begrijpt hij het: de man die wordt neergeschoten is hijzelf.
Dit is geen plot spoiler, want het verhaal is slechts een kapstokje voor een veelgelaagde verwondering. LA JETÉE kun je keer op keer opnieuw bekijken en beluisteren, en steeds weer nieuwe dingen zien in de 26 minuten die de film duurt. Bijvoorbeeld de strakke modernistische architectuur van het vliegveld Orly in de jaren zestig, en het nog steeds beklemmend ontwerp van een ondergrondse apocalyptische wereld.
 
Tijdens het AFFR kunt u deze editie vele tijdreizen maken, naar het verleden en naar de toekomst. Let goed op wat er gebeurd, want tijdreizen is niet zonder risico.
 
Bijlage
We leven in interessante tijden: LA JETÉE is op dvd beschikbaar en ook gratis integraal beschikbaar op internet.
 
La Jetée
Frankrijk, 1962, 29’, zw/w.
Regie: Chris Marker. Productie: Argos Films. Muziek: Trevor Duncan. Voice-over: Jean Négroni. Montage: Jean Ravel. Met: Hélène Chatelain, Davos Hanich, Jacques Ledoux.
 
Documentatie
 
Zoals bekend diende de verhaalstructuur van LA JETÉE als inspiratiebron voor TWELVE MONKEYS (Terry Gilliam, 1995).